Was dat de kracht van Rembrandt :  zijn duidingen van de voorstelling ??

column nr 138  dd 25 oktober 2010

In aansluiting op de aspecten van het schilderij van Rembrandt in het Mauritshuis  De anatomische les van dr.Tulp, komt deze week andermaal een schilderij van Neerlands grootste schilder van de gouden eeuw aan de orde. Het handelt om zijn schilderij uit 1640/1641 getiteld : De doopsgezinde predikant Cornelis Claeszn. Anslo, sprekend met zijn vrouw".   Het hangt in de Gemaldegalerie in Berlijn en was een van de schilderijen dat voorkwam in mijn referaat en voordracht tijdens de VU studiereis ( verplicht studieonderdeel) in 2005. Vorige week werd zijdelings ook geschreven over De Staalmeesters.  Deze mannen beoordeelden kwaliteit van aangeboden stoffen. Ds. Anslo was buiten doopsgezind predikant tevens nog lakenkoopman en wellicht hebben de staalmeesters zijn handel ook wel beoordeeld. Mij is niet bekend of hij succes als handelaar had, vaststaat dat hij als predikant een man van naam en faam was. Hij was een begenadigd predikant en zijn preken waren beroemd  : Wie Ansloo zien wil, moet hem horen".  Het tijdsgewricht was in zijn voordeel, want er woedde een theologische strijd tussen begrippen als  : Woord en Beeld, Horen en Zien, Geest en Lichaam. In die strijd stonden de Mennonnieten ( doopsgezinden) op het standpunt dat het Woord boven het Beeld  gaat. Buitengewoon filosofisch, maar als het om princiepes gaat, wordt er meestal fel gediscussieerd.

Eerst even terug naar de voorstelling.  Je ziet ds Ansloo in zijn studeerkamer. Hij kijkt naar zijn vrouw, Aeltje Gerritsdochter Schouten en wijst haar op de bijbel. Heel deemoedig aanhoort Aeltje de woorden en kijkt langs de rand van de bijbel, die op de lessenaar staat met daarachter een kandelaar met een kaars. Verder nog  een druipschaal en een snuiter.Op tafel liggen twee kleden waarvan de bovenste een zwaar oosters tapijt is. Achter de dominee staat  een boekenkast die is afgesloten met een gordijn. De duiding van  het schilderij door Rembrandt is het accent van verschillende interpretaties van de bijbel en andere godsdienstige kwesties. De reformatie was nog altijd bezig een grote stempel op de Nederlanden te drukken.

Nadat tijdens het referaat was ingegaan op duiding van schilderij en schildertechniek van Rembrandt werd door de docent aan mij gevraagd of  was opgemerkt dat er in de linker en rechterbovenhoek stukken linnen waren aangezet en dat de oude naden nog te zien waren. Helaas had ik daar nou juist niet opgelet en de docent zette uiteen dat het schilderij vermoedelijk in een geheel andere lijst had gezeten. Dat was ik in de literatuur  niet tegengekomen in het onderzoek dat ik deed naar dit schilderij en evenmin op het moment dat ik mijn referaatopzet daadwerkelijk in het museum testte op wat ik fysiek waarnam enige dagen voordat ik mijn voordracht hield. Tijdens mijn voordracht ben ik eerst breed ingegaan op Rembrandt's verfgebruik, zijn bijzondere stofuitdrukking en zijn effecten met het clair-obscuur voordat ik werkelijk het verhaal van dit schilderij ging duiden..

Inzake Rembrandt's verfgebruik ventileerden tal van opvattingen. De beroemde schilder Lairesse vond het kladderij wat Rembrandt deed. Wilhelm von Bode, een Duitse kunsthistoricus en ontdekker van Rembrandt, was helemaal 'verruckt' van zijn manier van schilderen :' Vooral als het gaat om de stofuitdrukking zien we dat hij naast rode vlekken , kleine gele, bruine, blauwe en zwarte en andere mengingen over elkaar heen gebruikt " Zo kon hij  door deze techniek stoffen in de variatie licht en donker realistischer schilderen. Hij gebruikte daarbij pigmenten in een menging van twee tot vier kleuren  Bij huids- en vleeskleuren een mening van zes kleuren. Hij mengde de kleurpigmenten met lijnolie en een enkele keer met walnootolie. Hij gebruikte geen harsen of eiwitten.

Dat alles was baanbrekend in zijn tijd en het is dan niet verwonderlijk dat hij veel leerlingen aan het werk had. Helaas is het bijgevoegde overzicht slecht te lezen, maar in de periode van 1628-1666 had hij maar liefst 33 leerlingen waaronder de hier genoemden U bekend zijn t.w.  Gerard Dou, J. Backer,,Ferdinand Bol, Govert Flinck,  J. Victors, G.v.d. Eeckhout, Carel Fabritius, Samuel van Hoogstraten, B. Fabritius, K.v.d. Pluym, Nicolaas Maes en  Aart de Gelder. Deze 33 leerlingen werkten in zijn atelier, mengden verf en zetten schilderijen op. Dikwijls kregen ze een opdracht van de meester zelf en Rembrandt zette uiteindelijk zijn signatuur eronder, nadat hij verbeteringen had aangebracht.. Dus vele Rembrandt's  waren eigenlijk soms werken van zijn leerlingen in het atelier. Misschien kunt U nu ook beter het ontstaan van het Rembrandt Research Project begrijpen, waar Professor van de Wetering een prominente rol in speelt. Hij heeft het gehele oeuvre kritisch bekeken en ontdekt welke schilderijen van zijn leerlingen waren zoals  De man met de gouden helm.  Aanvankelijk als Rembrandt aangemerkt, maar feitelijk door Ferdinand Bol geschilderd. Dat zegt natuurlijk tevens iets van de kwaliteit van Ferdinand Bol.

Hoezo kunstgeschiedenis boeiend ?  Het vergt inzicht, tijd en interesse, maar je leert werken wel veel beter begrijpen en dus meer van genieten.

Wees creatief, pluk de dag, schilder, teken, sport, speel piano of leer trompet spelen of ga zingen in een koor..kortom maak wat van je leven. Het is dik de moeite waard.

Kunstboeken, recensies, lezingen, taxaties, rondleidingen in Stedelijk Museum Alkmaar, Museum Kranenburgh Bergen, Museum Turfschuur, Museum OpZeeland Kolhorn  etc.   j.j.jong@quicknet.nl

U vindt me de komende zeven weken vinden op www.johannes.come2me.nl en www.jacor.come2me.nl

 

uw drs jjj, artes admirans

http://www.mijnalbum.nl/Foto-BFD3ADKZ-D.jpg

http://www.mijnalbum.nl/Foto-B78WD7TW-D.jpg